× 
Klik in dit venster
op: http://heiligen.net
om naar die site over te stappen.

Sluit het venster om te blijven.

welkom menu contact zoeken
KalenderOude testamentNieuwe testamentHeiligenKerkenAnders...
Betekenis van het broodwonder (15e eeuw)   Verwijzingen

Klik op de pijl om de meditatie te beluisteren...  ...speel bestand af...

 

De kunstenaar geeft wel een heel bijzondere uitleg aan het Broodwonder. Dat hij het verhaal van Johannes voor ogen heeft, kunnen we zien aan de (jonge)man die Jezus vijf broden aanbiedt. Johannes is immers de enige die deze bijzonderheid vermeldt. Terwijl Jezus de linkerhand uitstrekt om ze aan te nemen, zegent Hij ze met de rechterhand. Tegelijk zien we daaronder hoe de leerlingen brood uitdelen aan de aanwezigen die op de grond zitten. Opvallende bijzonderheid: ze geven het brood de aanwezigen niet in handen, maar stoppen het hun rechtstreeks in de mond. Waarschijnlijk een toespeling op de manier waarop in de kerk de hostie, het heilig brood, werd uitgereikt en ontvangen.

Achter de aanwezigen zien we al zeven manden met overgeschoten brokken staan. Dat getal klopt niet met Johannes’ verhaal. Hij vertelt dat er twaalf manden overbleven. Net zoals Matteus en Markus. Maar Matteus en Markus hebben nog een tweede broodwonderverhaal: daar haalt men aan het eind inderdaad zeven korven met brokken op. De afbeelding combineert dus gegevens uit twee verschillende verhalen. Zo worden op dezelfde afbeelding drie onderscheiden momenten tegelijk afgebeeld: 1. Jezus die het brood van de jongen aanneemt; 2. de leerlingen die het uitdelen aan de mensen, en 3. de hoeveelheid overgeschoten brokken.

Er loopt een denkbeeldige diagonaal over de afbeelding van de linker bovenhoek naar rechtsonder. De linker driehoek die zo ontstaat, is nagenoeg geheel gevuld met de personen uit het verhaal: Jezus, de leerlingen en de mensen die van het brood eten. De man met de vijf broden bevindt zich echter in de rechter driehoek. Achter hem zien we vier bedelaars. Die komen in het verhaal van Johannes niet voor. In geen van de zes broodwonderverhalen trouwens, zoals we die vinden verspreid in de evangelies. Op de rug zien we een arme zwerver, te herkennen aan zijn stok en veldfles, en zijn rafelige kleren. Vooraan leunt een kreupele op twee krukken. De drie die wij in het gezicht kunnen zien, staan enigszins eerbiedig voorover gebogen, inderdaad in de houding van een bedelaar. Ze staan achter de man die de vijf broden aan Jezus geeft, en opvallend genoeg vertoont ook die man dezelfde nederige houding. De houding van de bedelaar. Terwijl hij iets aanbiedt!?

Je zou verwachten dat die bedelaars er staan om ook een graantje te mogen meepikken van de uitdeling. Misschien zijn zij daar door de kunstenaar neergezet om ons duidelijk te maken dat allen die van Jezus’ brood eten, gelovig gesproken beschouwd kunnen worden als bedelaars.

Ook ik mag mij aansluiten en mijn hand ophouden. Zo geef ik uiting aan het besef dat ik – waar het om de essentiële dingen van het leven gaat – met lege handen sta, en ze gevuld moet laten wórden…

Maar doordat de kunstenaar de bedelaars plaatst in het gezelschap van de man die de broden aanbiedt, suggereert hij ook nog een andere overweging. Zoals de man de broden aanbiedt aan Jezus met de bedoeling er de zegen over uit te spreken en er aldus zíjn broden van te maken, zo bieden de bedelaars hun armoede en behoeftigheid aan Jezus aan, met de bedoeling dat Hij er zijn zegen over uitspreekt en er zijn overvloed van maakt. Zo gezien zou de kunstenaar de associatie oproepen met de menswording van God zelf. Of – zoals dat wordt gebeden tijdens het klaarmaken van de offergaven in de Heilige Mis: “Gij deelt ons menszijn, en neemt ons op in uw goddelijk leven.”

Sterker. In het verhaal zelf wijst Jezus erop dat de mensen die zo bij Hem komen, eigenlijk door God zelf zijn geďnspireerd: “Niemand kan tot Mij komen, als de Vader hem niet trekt” (Johannes 06,44). Jezus ziet in elk van die bedelaars – en dus ook in mij! - iemand die door de Vader naar Hem toe is gestuurd! Ik neem de tijd dat tot me te laten doordringen. En ik ga na welke armoede of behoeftigheid ik Hem zou willen aanbieden met de vraag of Hij er zíjn overvloed van zou willen maken.

[± 1500 houtsnede Bijbel Ludolf van Saksen; Nederland, Utrecht, Catherijneconvent
Dries van den Akker s.j. / 2009.07.28]

Verwijzingen
Johannes 06,41-51: Jaar B door het jaar 19e zo
Paastijd 03e week do

© A. van den Akker s.j.
Deze pagina is het laatst gewijzigd op 4 mei 2018

Over beeldmeditaties Voorbereiding
Inrichting website Leeswijzer
Auteurs / Afb. Alle 435 meditaties