Overzicht HH  m Vertel verderm Contact

        De website met meer dan 435 beeldmeditaties        

WelkomVasten '14KalenderOude testamentNieuwe testamentHeiligenKerkenAnders...SJ-links
Zondeval en Broedermoord 

Boven de preekstoel in de zuidwand van de kerk bevindt zich het raam over de Zondeval en de Broedermoord.
Het heeft raamnummer 15 in de Oude Kerk.


Het raam is verdeeld in twee helften.

. Boven: de verdrijving van Adam en Eva uit het paradijs
   [Genesis 3,12-18,21,23-24]

. Onder: de moord van Kaïn op zijn broer Abel
   [Genesis 4,1-8]



De verdrijving van Adam en Eva uit het paradijs

Hoog vanuit de hemel, waar ook donkere wolken te zien zijn(!) komt een vuurrode engel naar beneden gevlogen. In zijn rechterhand een helgeel vlammend zwaard. Met zijn linkerhand wijst hij de richting aan die de man en de vrouw, Adam en Eva, hebben te gaan. Weg van het paradijs met zijn overdaad aan groen en bloeiende vruchten, nog juist zichtbaar achter Adam, naar een rotsige, bruine, dorre streek, waar distels en dorens groeien, woestijnplanten.
Adam heeft zijn handen gespreid ten hemel geheven. Waarschijnlijk een uitbeelding van zijn als verontschuldiging bedoelde woorden:

‘De vrouw die u hebt gemaakt om mij ter zijde te staan, heeft mij vruchten van de boom gegeven en toen heb ik ervan gegeten’. [Genesis 3,12]

Alsof hij zegt: ‘Kan ík er wat aan doen? Zíj deed het eigenlijk.’

‘Waarom heb je dat gedaan?’ vroeg God, de HEER, aan de vrouw. En zij antwoordde: ‘De slang heeft me misleid en toen heb ik ervan gegeten’. [Genesis 3,13]

Voor Eva’s voeten een doornstruik, met daarin de slang. Illustratie bij de woorden:

God, de HEER, zei tegen de slang: ‘Vervloekt ben jij dat je dit hebt gedaan, het vee zal je voortaan mijden, wilde dieren wenden zich af; op je buik zul je kruipen en stof zul je eten, je hele leven lang. Vijandschap sticht ik tussen jou en de vrouw, tussen jouw nageslacht en het hare, zij verbrijzelen je kop, jij bijt hen in de hiel’. [Genesis 3,14-15]

Tegen de vrouw zei God, de Heer: ‘Je zwangerschap maak ik tot een zware last, zwoegen zul je als je baart. Je zult je man begeren, en hij zal over je heersen’. [Genesis 3,16]

Eva is afgebeeld lange gouden haren, die los naar beneden afhangen: teken van rouw en boetvaardigheid, afzien van ijdelheid! Alsof ze de vloek accepteert?

Tegen de mens zei hij: ‘Je hebt geluisterd naar je vrouw, gegeten van de boom die ik je had verboden. Vervloekt is de akker om wat jij hebt gedaan, zwoegen zul je om ervan te eten,
je hele leven lang. Dorens en distels zullen er groeien, toch moet je van zijn gewassen leven.
[Genesis 3,17-18]

God,de HEER, maakte voor de mens en zijn vrouw kleren van dierenvellen en trok hun die aan. Daarom stuurde hij de mens weg uit de tuin van Eden om de aarde te gaan bewerken, waaruit hij was genomen. En nadat hij hem had weggejaagd, plaatste hij ten oosten van de tuin van Eden de cherubs en het heen en weer flitsende, vlammende zwaard. Zij moesten de weg naar de levensboom bewaken. [Genesis 3,21.23-24]


De moord van Kaïn op zijn broer Abel

De mens, Adam, had gemeenschap met Eva, zijn vrouw, en zij werd zwanger en bracht Kaïn ter wereld.
‘Met de hulp van de HEER, ‘zei ze, ‘heb ik het leven geschonken aan een man!’ Later bracht ze zijn broer ter wereld, Abel.
Abel werd herder, Kaïn werd landbouwer. Op een keer bracht Kaïn de HEER een offer van wat hij had geoogst. Ook Abel bracht een offer; van de eerstgeboren dieren van zijn kudde koos hij de mooiste uit. De HEER merkte Abel en zijn offer op, maar voor Kaïn en zijn offer had hij geen oog. Dat maakte Kaïn woedend, zijn blik werd donker. De HEER vroeg hem: ‘Waarom ben je zo kwaad, waarom kijk je zo donker?
Handel je goed, dan kun je toch iedereen recht in de ogen kijken? Handel je slecht, dan ligt de zonde op de loer, begerig om jou in haar greep te krijgen; maar jij moet sterker zijn dan zij.’
Kaïn zei tegen zijn broer Abel: ‘Laten we het veld in gaan.’ Toen ze daar waren, viel hij zijn broer aan en sloeg hem dood.

[Genesis 4,1-8]

Rechts zien we Kaïn, gehuld in een donkerpaars dierenvel. Hij heeft de knuppel omhoog geheven. Straks zal hij zijn broer daarmee dodelijk treffen. Zijn broer Abel, gekleed in een goudkleurig dierenvel, ligt op één knie, de handen ten hemel geheven. Enerzijds om de slag af te weren, anderzijds als een verwijzing naar zijn gebed. Vóór hem brandt een groot vuur. Er ligt een schaapje op dat hij zojuist heeft geofferd. De rook van zijn offer stijgt op naar de hemel en breidt zich uit over het gehele tafereel. Uitbeelding van wat het verhaal vertelt: De HEER merkte Abel en zijn offer op, maar voor Kaïn en zijn offer had hij geen oog.
Achter Kaïn zien we zijn offer van boom- en veldvruchten. Dat de Heer geen acht slaat op dat offer, wordt uitgedrukt door het feit dat de rook van zijn offer niet opstijgt, maar neerslaat. Tussen Abel en Kaïn grazen nog wat schaapjes; helemaal op de achtergrond een eenvoudig arbeidershuisje met rieten dak.
Het verhaal vertelt niet, waaróm de Heer wel keek naar de één en niet naar de ander. Het constateert eenvoudig het feit. Misschien om daarmee een werkelijkheid aan te duiden die elk van ons wel kent: de één wordt gezien, de ander niet. De één heeft geluk in het leven, de ander niet. Zonder dat daar een aanwijsbare reden voor is.
Hoe dan ook, we zien hoe Kaïn opziet naar de rook van Abels offer. Híj wel; ík niet. Jaloers. Hij gunt het hem niet. Integendeel.

Kijkend naar deze afbeelding zou ik mij kunnen afvragen, hoe ik omga met gevoelens van jaloezie; of ik een ander zijn of haar succes of geluk gun, terwijl ikzelf niet of veel minder gezien ben.

© A. van den Akker s.j.

Over beeldmeditaties Voorbereiding op een meditatie Inrichting website Leeswijzer Verantwoording
Bezoek ook eens www.heiligen.net. Interessant!