× 
Klik in dit venster
op: http://heiligen.net
om naar die site over te stappen.

Sluit het venster om te blijven.

welkom menu contact zoeken
KalenderOude testamentNieuwe testamentHeiligenKerkenAnders...
Maar verlos ons van den kwade   hele raam

De Nieuwtestamentische afbeelding
Wederom een verdeling in twee verticale banen. Links met kruisnimbus: Jezus in zijn rode met paars gevoerde mantel. In de verte achter hem zijn gebouwen zichtbaar: waarschijnlijk de tempel in Jeruzalem. Tegenover hem, in het paars en blauw: de satan, aangeduid met horentjes op zijn hoofd en een slang rond zijn voeten. De satan heeft een steen in zijn rechterhand waar hij met zijn linker op wijst. Boven hem zien we in de verte op een berg wederom Christus afgebeeld. Voor hem strot zich de gestalte van de satan van de berg. Uit het handgebaar van Jezus zou je de indruk kunnen krijgen dat Hij de satan in de afgrond heeft geduwd.

Waarom deze afbeelding bij deze bede uit het Onze Vader?
Dit is een illustratie bij het verhaal dat Jezus door de duivel, het kwaad in eigen persoon, bekoord wordt in de woestijn. Het wordt verteld door Matteus (4,1-11) en Lukas (4,1-13). We kiezen voor Matteus: 'Daarna werd Jezus door de Geest naar de woestijn gevoerd om door de duivel op de proef gesteld te worden. Nadat Hij veertig dagen en veertig nachten had gevast, kreeg Hij honger. Nu trad de verleider op Hem toe en sprak: "Als Gij de Zoon van God zijt, beveel dan dat deze stenen hier in brood veranderen." Hij gaf ten antwoord: "Er staat geschreven: Niet van brood alleen leeft de mens, maar van alles wat uit de mond van God voortkomt." Vervolgens nam de duivel Hem mee naar de heilige stad, plaatste Hem op de bovenbouw van een tempelpoort en sprak tot Hem: "Als Gij de Zoon van God zijt, werp U dan naar beneden, want er staat geschreven: Aan zijn engelen zal Hij omtrent U een bevel geven, dat zij U op de handen nemen, opdat Ge uw voet niet zult stoten aan een steen." Jezus zei tot hem: "Er staat ook geschreven: Gij zult de Heer uw God niet op de proef stellen." Tenslotte nam de duivel Hem mee naar een heel hoge berg, vanwaar hij Hem alle koninkrijken der wereld toonde in hun heerlijkheid. En hij zeide: "Dat alles zal ik U geven, als Gij in aanbidding voor mij neervalt." Toen zei Jezus hem: "Weg, satan: er staat geschreven: De Heer uw God zult gij aanbidden en Hem alleen dienen.' Nu liet de duivel Hem met rust."

We herkennen in de hand van de duivel de steen die Jezus in brood zou moeten veranderen. Ver op de achtergrond de tempel, en rechtsboven de berg vanwaar alle koninkrijken te zien waren, en waar Jezus definitief het kwaad van zich afstoot. Toch staat het niet geschreven zoals het wordt afgebeeld: dat het kwaad zich in de afgrond stort. Wellicht is het een herinnering aan een woord van Jezus, gericht tot zijn leerlingen, dat we verderop bij Lukas (10,18) vinden: "Ik zag de satan als een bliksemstraal uit de hemel vallen."

De Oudtestamentische afbeelding
Net als bij het raam hiertegenover bestaat de afbeelding niet uit een glasraam, maar uit een wandschildering. Dit vanwege de constructie van het gebouw.
Ook hier zien we twee helften. Links een vrouw op een rustbank. Zij kijkt gespannen of begerig op naar de jongeman in het rood tegenover haar die wij op rug zien. Hij deinst achteruit en maakt met zijn linkerhand een afwerend gebaar.
Illustratie bij het verhaal dat Jozef, de zoon van Jakob, als opperslaaf is aangesteld in het huis van meester Potifar. Diens vrouw raakt verliefd op hem en probeert hem te verleiden, maar hij weigert en vlucht weg. Te vinden in het boek Genesis (39,1-12).


Beide afbeeldingen zouden ook goed gepast hebben bij de bede: 'Leid ons niet in bekoring.'

© beeldmeditaties.nl

Over beeldmeditaties Voorbereiding
Inrichting website Leeswijzer
Auteurs / Afb. Alle 435 meditaties